Een scheve eerste baan zie je in de hele kamer terug. Juist daarom begint goed behangen niet met lijm, maar met de muur en een strakke startlijn. Voor beginners is deze klus goed te doen, zolang je rustig werkt en de volgorde aanhoudt: eerst de ondergrond op orde, daarna pas snijden, lijmen en plakken.
Deze klus valt in de categorie matig. Voor een gemiddelde kamer ben je meestal 1 tot 2 dagen bezig, exclusief de droogtijd van de voorstrijk. Je kunt het alleen doen, maar met z’n tweeën werkt het handiger, vooral bij lange banen.
Wat heb je nodig
Voor deze klus gebruik je vooral eenvoudig handgereedschap en een paar verbruiksmaterialen:
- behangtafel of stevige ondergrond, ca. €30-€70
- behangborstel of aandrukroller, ca. €5-€20
- afbreekmes of behangschaar, ca. €5-€15
- waterpas of schietlood, ca. €10-€30
- rolmaat of duimstok, ca. €5-€15
- potlood, ca. €1-€3
- emmer en roerhoutje, ca. €5-€10
- spons of schone doek, ca. €2-€5
- plamuurmes, ca. €5-€10
- fijn schuurpapier, ca. €3-€8
- voorstrijk, afhankelijk van de muur, ca. €15-€30 per liter
- behanglijm, type afhankelijk van het behang, ca. €5-€20 per pak of bus
- behang, afhankelijk van type en kwaliteit, ca. €10-€100+ per rol
- afdekfolie of stucloper, ca. €5-€15
- trapladder, indien nodig, ca. €30-€100
De totale materiaalkosten voor een gemiddelde klus liggen vaak tussen €50 en €200, exclusief het behang zelf.
Voor je begint
Dek de vloer af met folie of stucloper en zet je gereedschap klaar. Zorg ook voor voldoende licht, zodat je naden en een eventueel patroon goed kunt zien. Dat voorkomt gepriegel als de lijm al op de muur of op het behang zit.
Controleer daarna de rollen. Kijk of de batchnummers gelijk zijn en let op beschadigingen. Dat is een kleine controle die later veel ergernis voorkomt, zeker als kleurverschil of een productiefout pas zichtbaar wordt nadat er al banen hangen.
Werk je met een trapladder, zet die dan stabiel neer. Gebruik een scherp mes voorzichtig en draag handschoenen bij lijm als je daar gevoelig voor bent. De belangrijkste risico’s bij deze klus zijn vallen van de ladder, snijwonden en huidirritatie door de lijm.
Bij stopcontacten en schakelaars geldt een extra veiligheidsstap: schakel de stroom uit in de meterkast en controleer spanningsloos voordat je daar werkt.
Muur voorbereiden voor behang
De ondergrond bepaalt voor een groot deel hoe strak het eindresultaat wordt. Een muur die stoffig, poederend of hobbelig is, zorgt al snel voor slechte hechting, luchtbellen of zichtbare oneffenheden.
Oude lagen verwijderen
Zit er nog oud behang op de muur, haal dat dan eerst weg. Gebruik daarvoor een behangafstomer of afweekmiddel. Neem hier de tijd voor, want resten van oud materiaal kunnen later door het nieuwe behang heen zichtbaar blijven of de hechting verstoren.
Ondergrond inspecteren en repareren
Loop de muur zorgvuldig na op gaten, scheuren en andere oneffenheden. Vul beschadigingen met plamuur en schuur na drogen glad. Juist bij glad of effen wandbekleding vallen kleine putjes en richels snel op.
Reinigen en voorstrijken
Maak de wand schoon met een vochtige doek en verwijder stof en vuil. Breng daarna voorstrijk aan op zuigende of poederende muren. Laat die laag 12 tot 24 uur drogen voordat je verdergaat.
Deze stap wordt vaak overgeslagen, maar dat zie je terug in het resultaat. Een goed voorbereide wand hecht beter en geeft minder kans op bellen, vlekken en loslatende naden.
Startpunt bepalen en banen snijden
Een nette eerste baan maakt de rest van het werk veel eenvoudiger. Kies daarom bewust waar je begint. Dat kan bij een raam of in een hoek. Een onopvallende hoek is handig als je eerst even gevoel wilt krijgen voor het plakken.
Trek vervolgens een loodrechte lijn met een waterpas of schietlood. Werk niet op het oog. Als je startlijn scheef staat, lopen de volgende banen mee scheef en vallen de naden extra op.
Meet daarna de lengte van de baan af en snijd het behang op maat. Houd boven en onder 5 tot 10 cm extra lengte aan. Die speling heb je nodig om bovenaan en langs de plint strak af te snijden.
Gebruik bij het snijden een scherp afbreekmes. Breek regelmatig een nieuw puntje af, zodat je geen rafelige snede krijgt.
Lijm aanmaken en aanbrengen
Maak de lijm aan volgens de instructies op de verpakking en roer goed. De juiste verhouding is belangrijk. Te veel of te weinig lijm geeft snel problemen, zoals luchtbellen, openstaande naden of banen die niet goed blijven zitten.
Daarna breng je de lijm aan op de juiste plek:
- bij traditioneel behang gaat de lijm op het behang
- bij vliesbehang gaat de lijm direct op de muur
Werk je met traditioneel papierbehang, laat de banen met lijm dan even weken voor je ze ophangt. Dat helpt om het materiaal beter te verwerken.
Stap voor stap behang aanbrengen
1. Plaats de eerste baan
Begin bovenaan en leg de baan langs de loodlijn. Druk het materiaal aan met een behangborstel of roller. Werk rustig, zodat je nog kunt corrigeren als de baan net niet goed staat.
2. Strijk luchtbellen weg
Werk vanuit het midden naar buiten. Zo duw je lucht onder de baan weg zonder het materiaal te verschuiven. Blijf niet hard duwen op één plek, maar strijk in banen naar de zijkanten.
3. Snijd boven en onder strak af
Druk het behang langs plafond en plint goed in de hoek met een spatel of behangliniaal. Snijd daarna het overtollige deel weg met een afbreekmes. Zo krijg je een strakke lijn zonder scheuren of happen uit de rand.
4. Plak de volgende baan strak tegen de vorige
Laat een patroon netjes doorlopen als dat van toepassing is. Zet de volgende baan strak tegen de vorige aan. Niet eroverheen, maar ook niet met ruimte ertussen. Hier ontstaat het verschil tussen een nette wand en een resultaat waarbij elke naad zichtbaar blijft.
5. Druk de naden goed aan
Gebruik een nadenroller of een schone doek om de aansluiting aan te drukken. Verwijder lijmresten direct met een schone, vochtige spons. Wacht daar niet mee, want opgedroogde lijmresten kunnen zichtbaar blijven.
Naden strak krijgen zonder gedoe
Juist de naden verraden of een beginner netjes heeft gewerkt. Een paar dingen maken hier het verschil.
Begin met een rechte eerste baan. Als die scheef staat, moet je verderop gaan corrigeren en dan vallen aansluitingen sneller open of uit lijn. Gebruik daarom altijd een waterpas of schietlood.
Breng daarna niet te veel en niet te weinig lijm aan. Bij te weinig lijm kunnen randen loskomen. Bij te veel lijm wordt het werk glibberig en krijg je sneller vlekken of bobbels.
Druk elke nieuwe baan direct netjes aan tegen de vorige. Gebruik vervolgens een nadenroller of schone doek om de naad vast te zetten. Veeg overtollige lijm meteen weg met een vochtige spons.
Tijdens het drogen houd je ramen en deuren gesloten. Tocht zorgt ervoor dat het behang te snel droogt, kan krimpen en dat naden weer opengaan.
Hoeken, stopcontacten en lastige stukken
Binnenhoeken vragen om een iets andere aanpak. Laat de baan 1 tot 2 cm om de hoek doorlopen en zet de volgende baan daar strak tegenaan. Zo voorkom je dat een hele baan scheef trekt als de hoek niet perfect recht is.
Bij stopcontacten en schakelaars schakel je eerst de stroom uit in de meterkast en controleer je of er echt geen spanning meer op staat. Plak het behang eroverheen, snijd het daarna kruislings in en werk het netjes af door het overtollige deel weg te snijden.
Werk op hogere delen alleen vanaf een stabiele ladder. Zeker bij plafondranden wil je niet reiken of balanceren met een mes in je hand.
Veelgemaakte fouten bij behangen
Muur slecht voorbereiden
Een vuile, beschadigde of zuigende ondergrond zorgt voor slechte hechting, bellen en vlekken. Reinig, repareer en gebruik voorstrijk waar dat nodig is.
Geen loodlijn gebruiken
De eerste baan bepaalt alles wat volgt. Zonder rechte startlijn hangt het behang al snel scheef en vallen naden extra op.
Verkeerde hoeveelheid lijm
Te weinig lijm kan leiden tot loslatende randen. Te veel lijm geeft sneller bellen en geknoei. Volg daarom altijd de instructies van de lijm.
Naden niet direct aandrukken
Als je wacht, hechten de randen minder goed en blijven de naden zichtbaar. Druk ze meteen aan en verwijder lijmresten direct.
Tocht tijdens het drogen
Open ramen en deuren lijken handig om sneller klaar te zijn, maar werken juist tegen je. Het materiaal kan krimpen, waardoor naden opengaan.
Wanneer schakel je beter een vakman in
Soms is zelf doen niet de handigste route. Twijfel je over de ondergrond, heb je te maken met complexe patronen of gaat het om grote oppervlakken, dan is een erkend vakman vaak de betere keuze.
Veelgestelde vragen
Hoeveel behanglijm heb ik nodig?
Dat hangt af van het type behang en de oppervlakte. Kijk daarvoor op de verpakking van de lijm.
Kan ik over oud behang heen behangen?
Dat kan alleen als het oude behang glad is, goed vastzit en niet te veel reliëf heeft.
Hoe lang moet behang drogen?
Meestal 12 tot 24 uur, afhankelijk van de lijm en de omstandigheden.
Welke lijm gebruik ik voor welk behang?
Gebruik vliesbehanglijm voor vliesbehang en universele lijm voor papier of vinyl.
Wat doe ik bij luchtbellen?
Strijk ze voorzichtig glad. Eventueel kun je met een injectiespuit wat lijm inspuiten.
Hoe verwijder ik oud behang?
Gebruik een behangafstomer of afweekmiddel en werk het los met een spatel.



